Mollen

De mol heeft een korte zwarte vacht met grote voorpoten waarmee ze gemakkelijk kunnen graven. In tegenstelling tot veel andere zoogdieren staan de haren niet in een bepaalde richting, hierdoor kunnen ze gemakkelijk voor- en achteruit in hun gangen. Het dier ziet zeer slecht (de ogen hebben maar de grootte van speldenkoppen) maar is niet blind, de snorharen is haar belangrijkste zintuig en zijn zeer gevoelig. Zowel ‘s nachts als overdag is de mol actief.

Molshopen

Mollen kunnen tunnels graven met een snelheid van 12 tot 15 meter per uur in een territorium van ongeveer 400 meter. De gangen worden niet dieper dan 120 cm gegraven en zijn doorgaans 5 centimeter breed en kunnen tot 200 meter lang zijn.

De paartijd vindt plaats van februari tot april, hiervoor verlaten de mannetjes hun territorium op zoek naar vrouwtjes. De jongen worden geboren in mei of juni na een draagtijd van ongeveer 28 dagen. Per worp worden 3 tot 6 naakte en blinde jongen geboren. Na 2 maanden zijn de jongen al zelfstandig genoeg om het nest te verlaten. Bij het zoeken naar een nieuw territorium kunnen ze vechten met andere mollen.

Het dier eet bijna alle dieren dat hij in zijn gang tegenkomt. Hun belangrijkste voedselbron is de regenworm maar ook maden, insectenlarven, naaktslakken, … staan op het menu van de mol. In de herfst en winter worden voedselvoorraden aangelegd, hiervoor bijt de mol de kop van regenwormen af waardoor deze verlamd geraken. Wetenschappers hebben al voorraadkamers met meer dan 1.000 verlamde regenwormen gevonden. Doordat regenwormen voor 80% uit water bestaan moet de mol nauwelijks drinken. Om te overleven moet het dier minstens 50 gram per dag eten.

Doordat de mol bij de overtollige aarde naar buiten duwt ontstaan de bekende molshopen. Deze molshopen en de gangen en gaten zijn een grote ergernis voor iedereen met een gazon.

Neem nu meteen contact op met De Verdelger om van uw mollenprobleem verlost te worden!

 

Mol